Euonymus europaeus

Gewone kardinaalshoed, WIlde kardinaalsmuts (geen richtlijnsoort)
Natuurlijk verspreidingsgebied
Gewone kardinaalshoed komt voor in Europa, China, Japan en Oost-Azië. In Nederland is de soort van nature aanwezig in de duinen en het rivierengebied.
Morfologie
De gewone kardinaalshoed is een bladverliezende struik, die 2-7 m hoog wordt. De aanvankelijk stomp vierkante twijgen zijn later ondiep gegroefd met vier smalle kurklijsten. Oudere takken zijn rond en met een roze-grijze ondiep gegroefde schors. De tot 7 cm lange bladeren zijn eirond tot spits ovaal, met een wigvormige voet en met een fijngezaagde bladrand en een 0,5-1 cm lange bladsteel. De bovenzijde is mat donkergroen, de onderzijde licht blauwgroen. De struik heeft een purperoranje herfstkleur. De bloei is van april tot juni. De groenwitte, 4-tallige bloemen staan bijeen in okselstandige groepjes van 3 tot 8 bloemen. De 1-2 cm grote, roze, vierhokkige vruchten springen in de herfst open waarbij de met een oranje vlies bedekte zaden zichtbaar worden.
Belangrijkste toepassingen
Geschikt voor landschappelijke beplantingen en als onderbeplanting onder bomen en hoge struiken. De soort wordt vermeerderd via zaad en worteluitlopers.
Groeiplaats
De soort komt voor in bossen, struwelen, heggen, vooral in de duinen en op kalkrijke grond o.a. in Drenthe en Limburg en langs de rivieren. Gewone kardinaalshoed groeit goed op zandgrond en verdraagt schaduw. Hij komt van nature enkel op rijke bodems voor. Op schralere kalkhoudende bodems treden soms kaliumgebreksymptomen op. De soort is gevoelig voor zout.
Ziekten en plagen
Met name aantasting door de kardinaalsmutsstippelmot (Yponomeuta cagnagella) is een vrijwel jaarlijks optredende plaag.