Rosa tomentosa

Viltroos (geen richtlijnsoort)
Natuurlijk verspreidingsgebied
Het natuurlijke verspreidingsgebied van de viltroos omvat de meeste delen van Europa. De soort hoort van nature thuis in Nederland. De soort wordt sinds 1770 in Duitsland in cultuur gebracht.
Morfologie
De viltroos is een overhangende struik met rechte twijgen en rechte stekels. De blauwgroene bladeren, met enkelvoudig gezaagde bladranden zijn ovaal, en sterk tot viltig behaard en hebben naar hars geurende klieren. De soort heeft 3,5-5 cm grote, lichtroze bloemen met een vrij lange steel (tot 4 x zo lang als de bloembodem). De bloemen zitten alleenstandig of in groepen van enkele bloemen aan de struik. De ronde tot peervormige 2 à 2,5 cm lange oranjerode bottels hebben teruggeslagen kelkbladeren die bij rijping van de bottel vallen.
Belangrijkste toepassingen
De viltroos wordt via zaad of stek vermeerderd en is geschikt voor landschappelijke beplantingen.
Groeiplaats
De viltroos komt van nature voor in struwelen, heggen en bosranden. De voorkeur gaat uit naar een matig vochtige tot droge, relatief voedselrijke grond. De soort houdt van een lichtrijke standplaats. Gevoeligheid voor zout is onvoldoende bekend
Ziekten en plagen
Er zijn geen aantastingen waarmee bij toepassing van deze soort in het bijzonder rekening moet worden gehouden.