Tsuga heterophylla

Westerse hemlockspar (geen richtlijnsoort)
Natuurlijk verspreidingsgebied
Het natuurlijke verspreidingsgebied van de soort betreft het vochtige kustgebied van West-Amerika: van Alaska tot Californië en naar het oosten tot in Noord-Idaho en Noordwest-Montana.
Morfologie
De Hemlock heeft als volwassen boom een kegelvormige kroon en kan in Nederland 25 tot 35 m hoog worden De uiteinden van de top en loodrechtstaande takken zijn afhangend. De naalden staan met korte stelen in twee rijen aan de twijg. De boom heeft een donkerbruine gladde bast. De mannelijke bloemen zijn kogelrond en geelgroen, de vrouwelijke bloeiwijzen zijn groen tot purperkleurig, eindstandig aan de zijtakken en rechtopstaand. De bloei begint in mei. De kegels zijn klein, groenachtig, later bruin, hangend aan het einde van de twijgen.
Belangrijkste toepassingen
Het is een redelijk algemeen voorkomende soort, die als zaad wordt vermeerderd. De soort komt niet voor als weg- en straatbeplanting, maar komt voor in parken, tuinen en bossen. Het hout van Tsuga heterophylla (hemlock) is beter van kwaliteit dan dat van de andere hemlocksoorten.
Groeiplaats
Tsuga heterophylla is een matige groeier en groeit het beste op koele, vochtige plaatsen. Hij geeft de voorkeur aan een schaduwrijke plek. De soort heeft een groot aanpassingsvermogen wat bodem betreft maar stelt wel hoge eisen aan het vochtleverende vermogen van de bodem. Onder normale omstandigheden is de soort winterhard en heeft in ons klimaat weinig of geen last van voorjaarsvorst.
Ziekten en plagen
De soort wordt wel eens aangetast door wortelschimmels zoals Heterobasidion annosum (wortelzwam), Armillaria spp. (honingzwam) maar die vormen doorgaans pas een probleem bij bomen die zijn verzwakt, bijvoorbeeld als gevolg van veranderde groeiomstandigheden (vernatting of verdroging).